Ligt daar nou sneeuw op die berg? #41

1 maart 2015 - Door: Tom Scholte

berg

Zaterdagmiddag 28 februari 2015. We zijn min of meer onderweg naar het vliegveld van Agadir. Onze vlucht vertrekt om 20:45 uur en dan heb je dus nog een hele vakantiedag te genieten. Na het strand van de afgelopen dagen trekt een bezoek aan het binnenland van Marokko aan ons. We besluiten dan ook via een zeer toeristische route, overigens zonder andere toeristen, naar het vliegveld te rijden. De route is zo toeristisch dat na een uurtje rijden de rollen op eens zijn omgedraaid: wij zijn nu de attractie geworden. Blijkbaar komen hier (de weg van Tamraght naar Imouzzer) zo weinig blanke gezinnetjes in een auto voorbij dat jong en oud driftig naar ons zwaait en ‘bonjour’ naar ons roept.

Toch heeft de Marokko in onze laatste uren van dit bezoek ook voor ons nog een verrassing in petto. Na een zoveelste haarspeldbocht, zien we heel in de verte besneeuwde bergtoppen voor ons. En dat voelt voor ons Hollanders toch wat vreemd, daar het 25 graden is en ik vanochtend nog in het zwembad lag. Het gekke is dat je hoofd dan even tijd nodig heeft om te beseffen wat je ziet. In eerste instantie zie je het wel, maar je registreert het op een of andere manier niet. Het is zo iets onverwachts dat blijkbaar mijn processorsnelheid tekort schiet. En dit terwijl we op verschillende reisgidsen en Marokko-marketingmateriaal wel degelijk al de besneeuwde bergtoppen afgebeeld hebben gezien.

Nadat het waargenomene geregistreerd is, volgt de verwondering. Het is toch een beetje alsof je een cadeautje uitpakt. En ik ben niet eens jarig. Dit roept bij mij wel de vraag op of ik niet elke dag een ‘ligt-daar-nou-sneeuw-op-die-berg-momentje’ zou kunnen hebben. Een soort verwondermoment van iets dat je ziet dat je eigenlijk niet verwacht. Het lijkt alsof onze oog-hersen-combinatie zelf filters toepast. Een soort Google die weet wat wij willen vinden en daarin voor ons een selectie maakt. En net als Google gebeurt dat waarschijnlijk op reacties op waarnemingen (zoekresultaten) uit het verleden. Het leuke, de verwondering, de kleine gelukmomentjes zitten natuurlijk in het waarnemen van het onverwachte. Daar word je blij van. Zouden we ons zelf daar in kunnen trainen? Zou leuk zijn, ben je elke dag een beetje jarig.

Wat doet die kameel in dit hippie dorp? #40

28 februari 2015 - Door: Tom Scholte

kameel

Vrijdagmiddag 27 februari 2015, we hebben opnieuw het surfstrand van Taghazout opgezocht. Het is hier relaxed, de mensen hier zijn vooral heel relaxed. Nou roept een stand dat wellicht over mensen af, relaxed zijn, maar deze plek is daar wel heel erg goed in. Taghazout heeft ook de naam een hippie-dorp te zijn. Dat weet een Nederlander ons te vertellen die hier ook een weekje is neergestreken. We hebben zijn Lonely Planet even geleend om te lezen wat we deze week allemaal gemist hebben in de omgeving. Het hippie-dorp hebben we in ieder geval beleefd. En dat was, of is nog steeds eigenlijk een zeer rustgevende activiteit. Ik vraag me dan wel af wanneer een dorp het predikaat ‘hippie-dorp’ verkrijgt. Waarschijnlijk is dat het percentage mannen met dreadlocks vermenigvuldigd met het aantal Volkswagenbusjes en het aantal yoga-mat onder de arm dragende vrouwen. Nou, en dan scoort Taghazout hoog op de hippie-dorp-index.

Als ik zo op het strand om me heen zit te kijken, vraag ik mij af of wij dan ook een hippie-gezin zijn. Het aantal blanke gezinnen met twee kinderen dat zich hier ophoudt, is precies 1: wij. En toch hebben wij het bere naar ons zin. Misschien is dat wel wat het predikaat hippie-dorp verdient: een omgeving waar iedereen geaccepteerd wordt om te zijn wie die is. Geen vooroordelen, geen one-size fits all, maar een bonte verzameling van mensen die zich even niet willen aanpassen aan een sociaal-culturele context. Want het is ook weer niet zo dat je er niet bij hoort als je geen dreadlocks, volkswagenbusje of yoga-mat-onder-je-arm hebt.

Ik zit nog steeds op het strand, bij te komen van mijn eigen surf ervaringen en interne oor en neusholte reiniging die ik er van deze onstuimige zee gratis bij heb gekregen. Ik maak een foto van twee afgepeigerde dochters die ook heel even het zoute water uit hun voorhoofdholtes laten druppen. En in de diversiteit van mensen zie ik opeens een kameel door het beeld lopen. En met een rondhobbelende kameel verdient Taghazout definitief en officieel het predikaat: hippie-dorp. Als iets hippie is, dan is dat wel een kameel. Als er een dier is dat zich niet gek laat maken door zijn omgeving, dan is dat wel een kameel. Of in ieder geval deze kameel. Geen idee waar deze kameel vandaan komt, waar hij geboren is en welke weg hij heeft afgelegd om hier te komen en wie er allemaal op zijn rug gezeten heeft. De kameel kijkt zich op het strand prima thuis te voelen. Het lijkt alsof hij even onze kant op kijkt. Zou hij zich dan dezelfde vraag stellen als ik, maar dan andersom? Wat doet die lange Hollander in dit hippie dorp?

Hoe maak je optimaal gebruik van de natuurkrachten? #39

27 februari 2015 - Door: Tom Scholte

surf
Donderdagmiddag 26 februari net buiten het dorpje Taghazout. De golven die even verderop op de rotsen beuken, worden hier door het strand gebroken. De hele week vraag ik me al af of er ergens op de wereld energie opgewekt wordt uit de golfslag van de zee in de branding. Dat moet toch mogelijk zijn. Het wordt twee keer per dag vloed en daar moeten wij als mensen toch iets mee kunnen? Wat we er in ieder geval mee kunnen, is ons er op een plank door voort laten stuwen: surfen dus. Surfen brengt de mens in direct contact met de natuurkrachten. Het is mens, plank, golf en verder niets. En het kan, als je op het juiste moment jezelf liggend op de plank in beweging brengt, dan neemt de golf het over, dan kun je op die plank gaan staan en je tot aan het strand laten brengen. Het kan, ik heb het gezien. Het zelf doen is een ander verhaal. Maar daarin zit ook de lol. Het blijven proberen, proberen en proberen en zomaar opeens heb je er af en toe een te pakken.

Even voor de duidelijkheid, ik ben niet verder gekomen dan me liggend op een plank door een golf een stuk richting het strand te laten brengen. En dat was al een geweldig gevoel. Surfen lijkt daarin op schaatsen en hardlopen (zoals ik dat ook probeer op deze manier te doen) namelijk je eigen vermogen je balans te vinden om vervolgens ultiem gebruik te maken van de natuurkrachten. Als dat lukt, dan ben je in ‘flow’ zoals dat heet geloof ik. Dan kun je blijven gaan, je verliest het tijdsbesef en verliest ook je gedachten aan de rest van de wereld.

Dat gevoel van die surfplank op de golven wil ik graag meenemen naar mijn leven in NL. Sterker nog, het lijkt me geweldig om het te kunnen overbrengen op anderen. Hoe heerlijk zou het zijn als je zo kunt leven dat je je de hele dag op een surfplank voort kunt laten stuwen. De lat hoeft eigenlijk niet eens zo hoog. Het surfen zelf, het uren achtereen proberen die ene golf te pakken, dat is al de manier om op te gaan in het moment. Die manier van zijn, waarbij je in ultieme balans optimaal gebruik maakt van de natuurkrachten, neem ik mee in mijn koffer.

Wat valt er tegen de/je natuur te beginnen? #38

26 februari 2015 - Door: Tom Scholte

We bevinden ons nog steeds in een stukje paradijs op aarde. Na een dag of vijf Marokko beginnen we ons aan te passen aan het hier en nu. De eerste dagen moesten we nog op pad, de omgeving verkennen, stadjes zien, ons laten oplichten op de souk, en dingen doen. Nu hoeft dat niet meer. Nu is het ultieme niets doen begonnen. Beetje lezen, beetje voor je uit staren en af en toe wat eten en drinken. Dan ga je opeens de dingen echt zien of ‘de echte dingen zien’. Als we van ons terras af lopen, het zwembad omzeilen en langs de vissersbootjes lopen, komen we na 50 meter bij de zee. Of eigenlijk meer bij de rotsen die de zee weten te trotseren. Hoe lang al en hoe lang nog? Het geweld is overweldigend, ietwat beangstigend maar vooral berustend: hier valt niets tegen te beginnen. Dit kun je het best maar accepteren zoals het is, dat doen de rotsen en de zee zelf ook en daar kunnen wij nog wat van leren.

Als ‘het moeten’ is verdampt, kun je uren naar de beukende zee kijken. Die wordt niet moe, die geeft niet op, die hoeft niets, die is gewoon de zee. Misschien dat het na 100.000 jaar lukt om wat van de rotsen te eroderen, daar zal het de zee echter niet om te doen zijn. Die zal er geen eb of vloed om laten.

Waar hebben wij mensen toch de illusie opgedaan dat wij tegen onze eigen natuur in kunnen gaan? Dat we iets willen wat we niet hebben en dat we iets willen worden wat we niet zijn? We lijken voortdurend op een ander moment en op een andere plaats te leven. Als je aan iemand vraagt hoe het gaat, wordt er veelal gerefereerd aan een moment of activiteit die is geweest of nog moet komen. Weten we nog wel te omschrijven hoe het hier en nu gaat?

En ondertussen leef ik natuurlijk ook al weer een beetje volgende week. Kan ik het hier en nu van Marokko daar en dan vast houden? Kun je leven als de zee, kun je die manier van leven koesteren in onze westerse samenleving? Als je dan toch iets na wilt streven, is dat dan niet het hoogst haalbare? Is dat niet het allermoeilijkste en eigenlijk ook het allermakkelijkste tegelijkertijd? Ga ik nu nog even wat inspiratie op doen bij de zee.

Maakt het uit waar we heen gaan?

25 februari 2015 - Door: Tom Scholte

We zijn nog steeds aan de kust in Marokko. Hoe kwamen we hier ook al weer terecht? Al een jaar of 5 pakken we de voorjaarsvakantie als moment om even wat zon te pakken. Na de donkere, koude, natte Hollandse wintermaanden zijn we eind februari altijd wel toe aan wat zon en warmte. Dit als een tussenstop naar de lente. Het is een beetje vals spelen en onze natuurlijke seizoenen ontregelen, maar we worden er altijd wel erg blij van. Daarbij benutten we ook de gelegenheid om ons persoonlijk te resetten uit onze winterslaap. Daarom altijd een andere bestemming die ons dwingt om open te staan voor nieuwe ervaringen, nieuwe locaties en andere culturen.

De Hollandse cultuur zorgt er wel voor dat we voor zo’n reset-weekje niet te veel willen uitgeven. De sport is dan ook om met zo min mogelijk vlieguren een zo’n groot mogelijk temperatuurverschil met NL te bereiken tegen een zo laag mogelijk tarief. Dan kom je onder andere op de Canarische Eilanden, de Algarve, Mallorca of Marokko terecht.

De bestemming maakt dus niet uit. En als ik hier het bord op de bovenstaande foto tegen kom besef ik me dat weer. Dat het dat ook is: de bestemming maakt niet uit. Wat heerlijk om dit bord niet te kunnen lezen. Om het niet te kunnen en hoeven vergelijken met een kaart en een planning. Er is geen planning en we hebben zelfs de kaart nog niet bekeken.

Je door de wind laten leiden, zou dat niet fijn zijn? Zou dat kunnen? Niet alleen op vakantie, maar ook in het ‘dagelijks leven’? Maat het uit waar we heen gaan?

Ik denk dat het kan. Sterker nog, ik denk dat het ultiem geluk brengt. Op het moment dat we ons niet laten leiden door bestemmingen, plannen en kaarten. Dat we met elkaar een ‘manier van reizen’ af spreken, die er in essentie op neer komt: dat we ons laten leiden door de wind. En dat we de ander hierin ook vrij laten. Daar ligt namelijk ook nog wel een utidaging, dat we de mensen om ons heen geen doelstellingen, plannen en kaarten voor gaan schrijven. Maar goed, eerst maar eens beginnen bij ons zelf. Ik ga nog even een paar dagen oefenen hier. En genieten natuurlijk, en kijken waar de wind me brengt.

Wat zie je eigenlijk?

24 februari 2015 - Door: Tom Scholte

De doorgaande weg en Taghazout, mannen lopen over straat, ze lijken net van het middaggebed te komen. Een volgeladen vrachtwagen houdt even een stop, waarschijnlijk een rust, eet/drink pauze voor de chauffeur. Een blauwe Mercedes stuift voorbij, volgens mij is dat een taxi. Op de achtergrond staan taxi busjes te wachten op passagiers. Alles ziet er anders uit dan het Haagse straatbeeld waar ik me nornaal in begeef. Alleen daar ben ik ‘afgestompt’ omdat ik de meeste beelden gewend ben. Hier kijk ik mijn ogen uit, dus stel ik mezelf de vraag wat zie je eigenlijk?

Ik voel me als in een film waarvan ik het script niet ken. Niet dat ik me een hoofdrolspeler voel, eerder een figurant. Zo’n figurantenrol waarbij het script van de film er ook helemaal niet toe doet. Ik lijk de opdracht te hebben gekregen: ‘meneer wilt u met uw kinderen in een auto zitten, uw vrouw is even wat boodschappen doen. Op het moment dat zij zometeen instapt, rijdt u rustig weg. Kijk even goed om u heen voor u wegrijdt want er lopen nog enkele tientallen figuranten over straat en sommigen doen net of ze u niet zien (en ze zijn daar echt heel goed in)’. Zo gezegd zo gedaan. Mijn vrouw stapt enkele minuten later in en we rijden weg.

Maar goed, ik ben dus zo’n figurant die zich wel afvraagt in welke film hij eigenlijk zit, wie de hoofdrolspeler in deze film speelt en waar al die anderen ‘figuranten’ naar toe gaan van hier. En ergens droomt deze figurant er van toch wel een semi-beslissende betekenis op het script van deze film te hebben.

Het leven in een andere cultuur doet je beseffen dat je leeft. Het is de voortdurende confrontatie met onzekerheid of je de goede dingen zegt, bestelt en doet. Het leven in NL voelt toch als het leven in de film Groundhog-day, elke dag een beetje van hetzelfde, heel veel ritme en heel veel structuur. Of zou ik in NL ook elke dag een belangrijke figurantenrol kunnen spelen? Dan moet ik beginnen met mezelf voortdurend de vraag te stellen:wat zie je eigenlijk? De komende dagen oefen ik met mijn rol hier in Marokko, hier kun je echt een hele steile leercurve doormaken als figurant uit NL, daar kan ik straks volgende week mijn voordeel mee doen.

Kun je je een andere cultuur echt eigen maken?

23 februari 2015 - Door: Tom Scholte

De eerste 24 uur Marokko zitten erop en ik begrijp er helemaal niets van. Zowel niet van de lokale gebruiken als ook de toeristische sector in dit deel van het land. Het lijkt een surf streek, maar, hoewel ik zelf bar weinig van surfen kan, lijkt het surfen hier toch ook niet echt op echt surfen. De winkeltjes zijn klein en verkopen toiletartikelen, lokaal fruit en brood. Op straat vooral mannen en jongens en hier in de buurt een hele grote camping die knettervol staat met Franse campers. Campers die zeer dicht op elkaar geparkeerd staan en allemaal ook bewoond zijn met, naar het lijkt, overwinterende Fransen. OK, ik ben hier pas 24 uur, en toch stel ik mezelf de vraag: kun je een andere cultuur echt begrijpen?

In 2002 verhuisden we naar Paramaribo. Na een jaar dacht ik dat ik het door had. Ik dacht serieus dat ik de cultuur begreep. Na twee jaar kwam ik er achter dat ik het helemaal niet door had en de twee jaar daarop volgend begreep ik er elk jaar minder van. De manier waarop mensen met elkaar omgaan, de sociale gebruiken op het werk en thuis, je kunt er in mee gaan, je kunt doen als of je het begrijpt, maar je begrijpt het niet echt.

Bij ons lokale winkeltje hier vlakbij Taghazout haal ik 6 broodjes, een stuk boter, een pot jam en 2 grote flessen water. De vriendelijke verkoper schrijft alle bedragen op de achterkant van een doosje kaas onder elkaar. Met veel theater wordt de rekensom vervolgens uitgerekend om…. het eind bedrag op een rekenmachine in te toetsen en dat aan ons te laten zien hoe hoog het bedrag is wat we moeten betalen.
Vanmiddag gingen we ergens wat eten. Duidelijk geen toeristen plek. Geen kaart en de ‘ober’ die beperkt Frans spreekt. Mijn Arabisch schiet dan ook te korte. Ok ‘quatre manger’ lijkt over te komen. Om ons heen eet iedereen vis dus dat lijkt ons wel wat. Maar goed 5 minuten later krijgen wij 4 Taghines met aardappels, groente en vlees. Zeer mals en heel lekker. Hoe zit dat dan miet die vis? Dat wordt snel duidelijk als de volgende gasten binnen komen en zelf vis hebben meegenomen van de lokale markt hier naast.
Dat soort dingen.

Het landen-volken cultuur verhaal doet me denken aan de organisaties in NL en mijn eigen Firma De Groot organisatie. Dat zijn ook culturen met gebruiken en gewoonten. Ongeschreven manieren hoe mensen met elkaar om gaan. Manieren die bepalen of je je op je gemak voelt, of je je geaccepteerd voelt, of je gelukkig bent en of je kunt excelleren.

Hoe neem je nieuwe mensen in je organisatiecultuur mee? Hoeveel tijd kost het om iemand zich een organisatiecultuur ‘eigen’ te laten maken? En wordt dit door heel veel organisaties niet heel erg onderschat? Is het voor nieuwe mensen uberhaupt mogelijk om een nieuwe (organisatie)cultuur echt te begrijpen? Daar ga ik op mijn terrasje nog eens even mijn gedachten over los laten.

Hoe gaan deze werelden samen?

22 februari 2015 - Door: Tom Scholte

Zondagmiddag 22 februari 2015. Locatie: in de buurt van het dorpje Taghazout aan de Marokkaanse kust met de Atlantische Oceaan. Tegen de rotsen is een appartementencomplex gebouwd met zo’n 50 appartementen inclusief zwembad en ‘priveestrand’. Dit strand is ook het domein van de lokale vissers. Perfect onderhouden bootjes liggen klaar om uit te varen. De vissers hangen rond, wachten op het ideale moment om de golven te trotseren en doden de tijd met het herstellen van de netten. De toeristen op hun terrasjes en de vissers bij hun boten het lijken twee verschillende werelden, twee uitersten, ze vertonen ook overeenkomsten. Hoe gaan deze werelden samen?

Het doet me denken aan het bekende verhaal van de visser die elke dag, vanuit zijn hangmat zijn hengel uitgooit. Hij haalt zo met alle gemak, twee vissen binnen die hij ‘s avonds op een vuurtje roostert. De rest van de dag doet hij eigenlijk niets. Dan komt er zo’n westerse ‘kennisman’ langs en die adviseert de visser met een net te gaan vissen. “wat heb ik daaraan” vraagt de visser, “dan haal je veel meer vis op” zegt de kennisman. “En wat dan?” vraagt de visser. “dan kun je die vis verkopen, je kunt ook mensen in dienst nemen die dan voor jou met netten gaan vissen, je vangt nog meer vis die je dan op de markt kunt verkopen, en zo haal je een mooie omzet binnen”. “Dat klinkt geweldig zegt de visser, en wat heb ik daaraan?”. “Nou” , zegt de kennisman,”dan kun jij lekker de hele dag in je hangmat liggen”. De visser kijkt de kennisman vanuit zijn hangmat glazig aan.

Zo zien de twee werelden er uit waar ik me momenteel hier in Marokko in begeef. De toeristen lijken het hele jaar hard te werken in hun westerse kantoren, druk met deadlines, SMART doelstellingen, inbox stress, social media strategieen en transities. Om dan een weekje bij te komen in de rust van de Marokkaanse zon. Om daar vervolgens geconfronteerd te worden met een leven van vissers die 53 weken per jaar een leef en werktempo hebben waar wij voor op vakantie of voor op een ontdek jezelf cursus gaan.

Deze werelden gaan niet samen. We zijn als mens geconditioneerd om te willen wat we niet hebben. Door te vragen naar onze dromen (wat wil jij later worden?) en verlangens, door loterijen en reclames weten we altijd heel goed op te noemen wat we niet hebben. Of een leven hier in Marokko ons nou echt gelukkig gaat maken? Zijn niet veel inwoners uit Marokko naar MIdden/Noord-Europa getrokken voor een beter leven?

Zou onze economie en gezondheidszorg niet enorm gebaat zij bij lessen geluk, tevredenheid en dankbaarheid? Is dat dan levenskunst? Ik geniet hier en nu van dit leven hier. Dat lukt heel gemakkelijk. Ik laat de werelden hier maar naast elkaar bestaan. Hoe ik het volgende week in NL zie, zie ik dan wel weer.

Wat is de magie van een vliegveld?

21 februari 2015 - Door: Tom Scholte

Zaterdagmiddag 21 februari 15:56 uur. Locatie: vertrekhal vliegveld Brussel. Samen met vrouw en kinderen in lichte spanning voor onze vakantie naar Marokko. Vlucht heeft een half uurtje vertraging en we zijn nog niet vertrokken of iedereen komt in een vakantiemodus: oude VK magazine, Donald Duck pocket, ‘Fallen’ en een Samsung Chromebook. Ik kijk om me heen en stel mezelf de vraag: wat is toch de magie van een vliegveld?

Ik heb het zelfs als ik met de trein langs Schiphol kom dat ik wel eens uitstap om even een rondje over het vliegveld te lopen. Ook als ik met de auto over de A4 rijd, bekruipt mij altijd een lichte spanning. Vliegvelden doen iets met mij. Als ik op een vliegveld ben, komen in rap tempo een groot aantal, zo mogelijk alle, reizen van de afgelopen decennia voorbij. Ik zat voor het eerst in een vliegtuig in 1992: bestemming Sydney via Singapore. De laatste vlucht was in oktober van Lissabon naar Amsterdam. De meest afgelegde route: Amsterdam-Paramaribo tussen 2002-2010 een keer of 18. Op de Johan Adolf Pengel luchthaven van Paramaribo liggen echt heel veel herinneringen. Zowel van het eigen landen (voor het eerst in 2002 vanuit Washington D.C. via Port of Spain; om daar 4 jaar te gaan wonen) en vertrekken als van de keren dat er vrienden en familieleden werden opgehaald en weggebracht.

De magie van een vliegveld is de magie van de mensen die ergens vandaan komen of ergens naar toe gaan. Of het nu vakantie, werk, familiebezoek of wat dan ook is, iedereen brengt altijd iets van spanning met zich mee. Hoe nonchalant de zakenman die wekelijks vliegt hier ook rondloopt. Er is een heel andere energie dan op een treinstation of in de auto.

Je zou er iets mee kunnen doen. Je zou op vliegvelden bijeenkomsten kunnen organiseren, opleidingen of trainingen, creatieve sessies, inspiratiebijeenkomsten of persoonlijk ontwikkeling programma’s. Iets waarbij je gebruik maakt van wat er op het vliegveld in de lucht hangt. Dat gaat tot bijzondere dingen leiden. Met z’n vieren vliegen is ook altijd bijzonder. Leidt ook altijd tot een dosis gezinsgeluk, helemaal als de bestemming nieuw is. Ik geniet en ben heel benieuwd waar wij vanavond zullen slapen en wat wij morgen zullen zien als het licht is. Nu geniet ik nog even van de spanning op het vliegveld. De spanning van dat je weet dat je iets nieuws mee gaat maken, en niet weet wat dat is. Heerlijk.

Wat zijn mijn belemmerende overtuigingen?

20 februari 2015 - Door: Tom Scholte


Donderdagmiddag 19 februari 2015. Mijn dochter heeft een baaldag van school en ik heb nog steeds griep. We spelen een tweede spelletje Rummikub. Mijn dochter heeft nog 1 steen (bovenstaande foto van het eerste spelletje) een zwarte 13. Ze zegt dat ze niet kan en wil pakken. Ik zie dat ze kan en vraag haar om de rode 13 en de blauwe 13 te pakken die in twee afzonderlijke ‘straatjes’ liggen. Dan ziet ze dat ook de 12’en en 11’en bij elkaar kunnen en hebben alle stenen een plaats.

Vrijdagochtend 20 februari, ik heb een gesprek met Firma De Groot collega Robbert over… belemmerende overtuigingen. Ik ben momenteel veel leuke dingen aan het doen. Één ding zit me dwars: dat ik geen follow up bied aan de gesprekken die ik de afgelopen maanden bij tientallen organisaties heb gevoerd. Robbert vraagt dan ook wat mij tegenhoudt. Ik denk diep na en kom dan onder andere op de volgende belemmerende overtuigingen:

  • follow up activiteiten moeten leiden tot betaalde projecten;
  • we moeten grote betaalde projecten werven;
  • projecten die ik bedenk en werf moet ik zelf uitvoeren.

Deze overtuigingen komen er op neer dat follow up activiteiten geen doel en waarde op zich (mogen) hebben, maar moeten leiden tot iets anders. Dat blokkeert mij, het beperkt mij in mijn energie en in mijn daadkracht.

Terwijl ik weet dat: ook in zogenaamde -follow up gesprekken- met (potentiële) opdrachtgevers er altijd iets gebeurt. Ik geniet ook van deze ontmoetingen. Zowel bij mijn gesprekspartners als bij mij, zowel in telefonische gesprekken als bij gesprekken IRL (In Real Life) komen er altijd nieuwe inzichten en/of energie vrij. Juist als er geen druk of ‘moeten’ is, is er een basis voor creativiteit, verbinding, inspiratie en energie. En uit het verleden weet ik dat betaalde projecten altijd uit onverwachte hoek komen (vanmorgen werd ik nog door een kennis van een kennis gebeld). Mijn eerste stap is het re-framen van follow up activiteiten naar (potentiële) opdrachtgevers toe: dit zijn waarde creërende activiteiten momenten waarin wij invulling kunnen geven aan onze missie. Dan de koppeling naar wat deze momenten mij brengen: vervulling. Stap 3: doen.

De manier die mijn dochter vindt om haar laatste steen weg te leggen, is overigens een andere oplossing dan die ik gezien had. Haar overtuiging, ‘dat ze niet kon’ belemmerde haar om creatief naar een oplossing te zoeken. Terwijl die er wel was. Nu ben ik aan zet.

——————————————————–

Belemmerende overtuigingen en hoe het werkt:

Het proces van denken, voelen en doen verloopt als volgt:

  1. gebeurtenis / situatie
  2. mijn overtuiging daarover
  3. mijn gevoel daarbij
  4. mijn reactie daarop (gedrag)

Voorbeeld:

  1. Ik neem deel aan een vergadering waarin iedereen het hoogste woord voert. Ik probeer er af en toe tussen te komen, maar het lijkt wel of niemand mij hoort.
  2. Ik denk dat ze mijn mening niet interessant genoeg vinden om naar te luisteren.
  3. Ik voel me gekwetst en onzeker
  4. In een volgende vergadering zeg ik niets meer

Lees hier de uitgebreide theorie over belemmerende overtuigingen.